Valleibossen, Elzenbroekbossen en zachthoutooibossen (91E0)

Beschrijving: 

Dit habitattype omvat Elzen-Essenbossen, Elzenbroekbossen en Wilgenbossen, die vooral voorkomen op alluviale bodems langs rivieren en beken en in moerassige depressies. Diverse subtypes, die elkaar soms overlappen, kunnen in Vlaanderen worden onderscheiden:

  • Bronbossen
  • Beekbegeleidende bossen
  • Elzenbroekbossen met drie subtypes: Ruigte-Elzenbos, Mesotroof broekbos en het oligotroof broekbos
  • Zachthoutooibossen

Natuurbeheer: 

Het uitwendig beheer is voornamelijk gericht op het behoud van een goede kwaliteit van grond- en oppervlaktewater, natuurlijke grondwaterpeilen en een natuurlijke overstromingsdynamiek. Natuurtechnisch beheer in deze types kan bestaan uit nietsdoen-beheer of kleinschalig hakhoutbeheer.

Bedreigingen: 

  • Verruiging treedt op door verdroging (tengevolge van waterwinning, inpoldering, drainage of ontwatering) en door toevoer of overstromingen van water met slechte kwaliteit.
  • Beekruimingen zorgen voor ophoging van oevers en verstoring van de hydrologie en bodem.
  • Door rechttrekking, verbreding en oeverversteviging wordt de natuurlijke dynamiek van de waterloop gewijzigd, evenals door hydrologische wijzigingen in het bovenstrooms gebied (versnelde watertoevoer door verharding, verbeterde drainage, riooloverstorten e.d.).
  • Versnippering.
  • Gevoelig voor intensieve recreatie, maar voor doorsnee recreant weinig toegankelijk.
  • In het verleden werden veel waardevolle structuur- en soortenrijke alluviale en broekbossen omgevormd naar intensieve, economisch georiënteerde populierenaanplanten. Dit ging gepaard met drainage, kaalslagpraktijken en korte omlooptijden met grote exploitatieschade (bv. bodemverdichting en spoorvorming) en een sterke degradatie door soortenverlies, homogenisering en structuurverlies.