Adder

Vipera berus

Beschrijving: 

De adder is een giftige, vrij zwaargebouwde, gedrongen slang van 45-65 cm. Ze hebben een korte staart, een brede driehoekige kop en een opvallende zigzagtekening op de rug. De kleur is zeer variabel, maar de mannetjes zijn meestal zilver- tot donkergrijs, met duidelijk contrasterende donkere zigzagstreep en een egaal zwarte buik. De vrouwtjes zijn eerder beige tot donkerbruin, met minder duidelijk afgetekende rood- tot donkerbruine zigzagstreep, en een egaal donkergrijze buik. Het oog is roodachtig met een verticale pupil.

Ze voeden zich vooral met muizen, hagedissen, nestjongen van grondbroedende vogels en kleine knaagdieren.

Adders zijn bewoners van open tot halfopen leefgebieden met een rijke vegetatiestructuur. Vooral overgangen van droog naar vochtig zijn geliefd, maar ook natte heide en hoogvenen. Een verspreide begroeiing van bomen en struiken mag aanwezig zijn, maar een massale boomopslag wordt niet verdragen. Grote heideterreinen vormen de voorkeursbiotoop.

Beheer: 

Een kleinschalig beheer, dat zorgt voor een grote structuurvariatie in de vegetatie, is doorgaans gunstig. Aanvullend kan de aanleg van extensief beheerde, kruidenrijke akkertjes en graslanden een positief effect hebben op de beschikbaarheid van voldoende prooidieren in de heide. Deze soorten zijn erg gevoelig voor verstoring en recreatie. Onder andere loslopende honden, fietsers en gemotoriseerd verkeer kunnen slachtoffers maken. Paden, wegen en schrale wegbermen zijn immers vaak geschikte plekken voor reptielen om te zonnen, wat hen extra kwetsbaar maakt. Het beperken of verbieden van verkeer of recreatie op gekende plekken met slangen, met name de favoriete zonneplekjes, zijn voordelig.