Tuinbeestjes en hun verhalen

Korte verhalen over tuinbeestjes

In tuinen kan je meer dieren vinden dan je zou denken. De betere tuinen halen vrij vlot duizend soorten en meer. De zaak is ze te vinden en te herkennen. Leuker nog dan een simpele soortenlijst zijn de verhalen die erachter zitten.
Op deze pagina verzamelen we die verhalen. Zo kunnen ze gebruikt worden door tuineigenaars, tuinrangers en natuurgidsen (tuindieren komen ook buiten tuinen voor ;-) ) om een natuurbezoek tot een echte ervaring te maken.
Als je zelf een verhaaltje opstuurt naar info@ecopedia.be, zorg dan indien mogelijk voor een officiële naam van het dier, een bron waar heb je dit gelezen hebt, en als je kan, een foto die we mogen gebruiken. Anders gaan wij wel op zoek naar die laatste. Als je enkel een leuke foto hebt, gaan wij aan de slag met het verhaal.
 


Naam: Tuinbladsnijder (Megachile centuncularis )

Verhaal: Je hoeft niet meteen het dier zelf te zien om een wereld te zien opengaan. In opvallend veel tuinen kan je halfronde gaten vinden in bladeren en bloemblaadjes van bijvoorbeeld rozen. Behangersbijen, waaronder de tuinbladsnijder, gebruiken deze ronde stukjes blad om er nestjes mee te maken in gaatjes in hout. Een groot stuk dient als rolletje, twee kleinere dienen als dekseltjes om het rolletje af te sluiten. In deze nestjes wordt stuifmeel verzameld en een eitje bij gelegd. Dat stuifmeel verzamelen ze met de haren op de buik, de buikschuier genoemd.

Bron: https://www.aculea.be/soortinkijke2.html

Naam: Regenworm (Lumbricus terrestris)

Verhaal: Regenwormen graven gangen door grond om te eten. Het gaat hen dan om de verteerde bladeren en schimmels. Het gegraven en verteerde materiaal brengen ze naar boven door ze aan het oppervlak uit te scheiden in de vorm van hoopjes. De hoeveelheid die ze zo jaarlijks naar de oppervlakte brengen is gemiddeld 40 ton grond per hectare, of 4 kilogram per vierkante meter. Voor een tuintje van 250m² komt dat neer op een verbijsterende 1000 kilo!
Op die manier geraken mineralen en voedingsstoffen naar het oppervlak en in de kleine hoopjes kan al eens een zaadje kiemen. Een mol doet nog beter, maar daar is vast een ander verhaaltje over.

Bron: https://www.researchgate.net/publication/303568561_A_review_of_earthworm...

 

Naam: Dagpauwoog (Aglais io)

Verhaal: Sommige vlinders overwinteren als ei, soms als rups of pop. Sommige soorten overwinteren als adult en proberen zich te beschermen door weg te kruipen of zich te camoufleren. Soms volstaat dat niet. Misschien minder gekend is dat ze ook nog andere strategieën hebben. Zo zijn Dagpauwogen tijdens hun winterrust in staat om klikkende en sissende geluiden (zoals die van een slang) te maken die hongerige muizen op andere gedachten kan brengen. Dat doen ze door met hun vleugels tegen elkaar te wrijven. Als je een Dagpauwoog vindt in een houthok of tuinhuis, dan maken ze dit geluid ook als ze je horen binnenkomen.

Bron:

Dagvlinders in Vlaanderen. Nieuwe kennis voor betere actie. D. Maes, W. Vanreusel, H. Van Dyck