Verboden te wijzigen vegetaties en KLE's

In VEN is het wijzigen van vegetaties, meerjarige cultuurgewassen en kleine landschapselementen sowieso verboden, behoudens individuele ontheffing.

Elders zijn volgende wijzigingen verboden:

  • holle wegen: overal
  • graften: overal
  • bronnen: overal
  • vennen en heiden: overal
  • moerassen en waterrijke gebieden: overal
  • duinvegetaties: overal

Het wijzigen van historisch permanente graslanden (HPG), met inbegrip van het daaraan verbonden microreliëf en poelen, is verboden als die graslanden gelegen zijn:

  1. in de groene bestemmingen (groengebied, parkgebied, buffergebied, bosgebieden) op de bestemmingsplannen en de bestemmingsgebieden die vergelijkbaar zijn met die gebieden;
  2. in beschermd cultuurhistorisch landschap;
  3. in SBZ Poldercomplex (BE2500932) en SBZ Het Zwin (BE2501033), als er voor die gebieden geen afwijkende instandhoudingsdoelstellingen vastgesteld zijn die het wijzigen noodzakelijk maken;
  4. op de kaart (Geopunt - catalogus - Historisch Permanent Grasland) opgemaakt door de Vlaamse regering. Het verbod geldt voor zover de HPG’s definitief zijn vastgesteld én gelegen zijn binnen een van de gebieden beschreven onder 1, 2 of 3.

Vergunningsplicht vanuit het Natuurdecreet voor het wijzigen van vegetaties of KLE's

Of de vergunningsplicht (omgevingsvergunning voor het wijzigen van vegetaties, de vroegere natuurvergunning) geldt voor het wijzigen voor vegetaties en/of KLE's hangt af van waar die vegetatie of KLE gelegen is en welke activiteit de vegetatie of het KLE wijzigt.

Eerst bespreken we de zones of gebieden waar de vergunning speelt. De vergunningsplichtige zones voor vegetaties zijn verschillende van de vergunningsplichtige zones voor KLE's!

    Zones en bestemmingen waar de vergunning speelt

    Voor de vegetaties geldt de vergunningsplicht in de volgende zones:

    • de groengebieden, de parkgebieden, de buffergebieden, de bosgebieden, de valleigebieden, de brongebieden, de agrarische gebieden met ecologisch belang, de agrarische gebieden met bijzondere waarde en de natuurontwikkelingsgebieden op de geldende bestemmingsplannen;
    • de speciale beschermingszones;
    • de Ramsar-watergebieden;
    • de beschermde duingebieden.

    In volgende zones geldt de vergunningsplicht voor het wijzigen van kleine landschapselementen:

    • zelfde gebieden als voor het wijzigen van vegetaties
    • agrarische gebieden
    • de landschappelijk waardevolle agrarische gebieden (en vergelijkbare bestemmingsgebieden volgens plannen van aanleg of ruimtelijke uitvoeringsplannen)
    • het IVON

    Vergunningsplichtige activiteiten

    Niet alle activiteiten die zorgen voor wijzigingen aan vegetaties of KLE's zijn vergunningsplichtig gemaakt.

    Zo zijn alle activiteiten die kaderen binnen het normale onderhoud, zoals beschreven in de code goede natuurpraktijk in omzendbrief LNW/98/01, vrijgesteld van de omgevingsvergunning voor het wijzigen van vegetaties (de vroegere 'natuurvergunning')..

    Opnieuw wordt er een onderscheid gemaakt tussen de vergunningsplichtige activiteiten die vegetaties wijzigen en deze die KLE's wijzigen.

    Volgende wijzigingen van vegetaties zijn vergunningsplichtig:

    • het afbranden
    • het vernietigen, beschadigen of doen afsterven van vegetatie met mechanische of chemische middelen;
    • het aanplanten of rooien van bosjes op plaatsen met vegetatie;
    • het wijzigen van reliëf;
    • de nivellering van micro-reliëf;
    • het wijzigen van de waterhuishouding door drainage, ontwatering, dichten;
    • het wijzigen van het overstromingsregime van vegetatie

    Het wijzigen van historisch permanente graslanden, met inbegrip van het daaraan verbonden microreliëf en poelen, wordt vergunningsplichtig gesteld als deze gelegen zijn:

    1. in valleigebieden, brongebieden, natuurontwikkelingsgebieden, agrarische gebieden met ecologisch belang of agrarische gebieden met bijzondere waarde op de bestemmingsplannen en de bestemmingsgebieden die vergelijkbaar zijn met die gebieden;
    2. in SBZ IJzervallei (BE 2500831)
    3. in SBZs in uitvoering van de Habitatrichtlijn, in zoverre het desbetreffende type historisch permanent grasland binnen deze perimeters als habitat is aangemeld;
    4. op de kaart opgemaakt door de Vlaamse regering. De natuurvergunningsplicht geldt voor zover de HPG’s definitief zijn vastgesteld én gelegen zijn binnen een van de gebieden beschreven onder 1, 2 of 3.

    Volgende wijzigingen van kleine landschapselementen zijn vergunningsplichtig:

    • het rooien of verwijderen en het beschadigen van: houtachtige beplantingen op bermen en taluds, houtachtige beplantingen langs waterlopen, dijken of taluds, heggen, hagen, houtkanten, houtwallen, bomenrijen, hoogstamboomgaarden;
    • het afbranden en het vernietigen, beschadigen of doen afsterven met mechanische of chemische middelen van de vegetatie horende bij de kleine landschapselementen en van perceelsrandbegroeiingen en sloten;
    • het uitgraven, verbreden, rechttrekken, dichten van stilstaande waters, poelen, waterlopen.