woordenboek    encyclopedie

Zoöchorie

“Zaden verspreid door dieren”

definitie

Dieren kunnen kleverige of met weerhaakjes voorziene zaden meenemen via de vacht, of door planten op te eten zaden meenemen via de ingewanden. Het verplaatsen van zaden door dieren wordt zoöchorie genoemd.

abstract

Veel planten hebben speciale aanpassingen om door dieren te worden meegenomen. Een eerste groep van zaden heeft aanpassingen om zich aan de buitenkant aan dieren vast te plakken of te haken. Dit verschijnsel wordt epizoöchorie genoemd. Bekende soorten zijn klis en kleefkruid waarvan zelfs de hele plant kan loskomen.

Daarnaast is er endozoöchorie, waarbij zaden (via vruchten) worden opgegeten en nog kiemkrachtig het spijsverteringskanaal verlaten. Dat kan onbewust maar ook heel bewust gebeuren. Vooral plantensoorten met energierijke vruchten rekenen op dit type verspreiding.

Aansluitend hierop zijn er planten die zaden of vruchten aanbieden die lekker en/of energierijk zijn en waarmee voorraden kunnen worden aangelegd. Eikels, kastanjes, graan,... worden in de herfst verzameld en niet meteen opgegeten. Met wat geluk (voor het zaad dan) wordt de voorraad niet meer gevonden of sterft de verzamelaar en kunnen de zaden kiemen.

Sommige soorten hebben niet echt een vrucht maar voorzien aan het zaad een bonus in een andere vorm, een goed voorbeeld is het mierenbroodje. Veel viooltjes hebben aan hun zaad een extra deel waar mieren verlekkerd op zijn en daardoor het zaad een eind meeslepen.

figuur



Deze konik heeft zaden van klis in zijn staart hangen, een mooi voorbeeld van zoöchorie ((c) Vilda)