Houtrot waarbij het aangetaste hout een bleke, min of meer vezelige structuur krijgt. Bij witrot worden zowel lignine als cellulose en hemicellulose afgebroken door schimmels.
Witrot is hoofdzakelijk geassocieerd met loofboomsoorten. Enkele veel voorkomende veroorzakers van witrot zijn Elfenbankje (Trametes versicolor), Gewone zwavelkop (Psilocybe fascicularis), Echte Tonderzwam (Fomes formentarius) en Honingzwam (Armillaria spp.).
De relatieve afbraak van lignine en (hemi)cellulose kan sterk verschillen van schimmel tot schimmel en is bovendien afhankelijk van de boomsoort en de omstandigheden in het rottende hout. In grote lijnen kunnen twee types witrot onderscheiden worden: selectieve lignineafbraak, waarbij lignine vlugger afgebroken wordt dan cellulose en hemicellulose en simultaanrot, waarbij alle componenten min of meer gelijktijdig afgebroken worden. Deze aflijning is echter niet scherp en veel schimmels kunnen zelfs overgaan van het ene type rot op het andere.
Bij selectieve lignineafbraak (wat vaak aanzien wordt als het'klassieke' witrot) wordt lignine sneller afgebroken dan cellulose en hemicellulose, zeker in de vroege stadia van het houtrot. Vooral in de secundaire celwand wordt de lignine snel afgebroken, waardoor de lange cellulose- en hemicellulosestrengen achterblijven. Het aangetaste hout kan dan vergeleken worden met gewapend beton waarvan enkel de bewapeningsstaven overblijven. Het effect op de houtsterkte is navenant: de treksterkte blijft praktisch intact, maar de stijfheid en dus het vermogen om drukkrachten op te vangen gaan verloren. De overgebleven cellulosestrengen geven het aangetaste hout een weke, vezelige structuur en (meestal) een bleke kleur (lignine is bruin en (hemi)cellulose wit). In de verdere houtrotstadia wordt ook de cellulose geleidelijk afgebroken. Een schimmel die selectieve lignineafbraak veroorzaakt is Elfenbankje (Trametes versicolor).
Bij simultaanrot worden alle houtcomponenten (lignine, cellulose en hemicellulose) van de celwand in de onmiddellijke omgeving van de schimmeldraden ongeveer even snel afgebroken. Doordat hier ook de cellulosestrengen afgebroken worden, krijgt het aangetaste hout eerder een brosse structuur. De kleur hangt af van de snelheid waarmee alle houtcomponenten afgebroken worden en is dus niet noodzakelijk bleker dan het gewone hout. Een schimmel die voor simultaanrot kan zorgen is Echte Tonderzwam (Fomes fomentarius).
Sommige schimmels kunnen afhankelijk van de omstandigheden, zoals chemische stoffen in de reactiezones van het hout, zowel selectieve lignineafbraak als simultaanrot of zelfs zachtrot veroorzaken. Voorbeelden zijn Echte Honingzwam (Armillaria mellea), Ruige Weerschijnzwam (Inonotus hispidus) en Dikrandtonderzwam (Ganoderma australe).
Witrotschimmels zijn vertegenwoordigd in alle groepen van de Basidiomyceten (steeltjeszwammen) en in sommige groepen van de Ascomyceten (zakjeszwammen).
'Fungal strategies of wood decay in trees' door Schwarze
'Houtrot in bomen' door IPC Groene Ruimte