Een schermslag of schermkap is een lang uitgesponnen kaalslag waarbij stelselmatig de oude bomen worden weggenomen om de zaailingen eronder geleidelijk meer licht te geven. Verschillende kappingen volgen elkaar op over een periode van 5-20 jaar tot het oude bosbestand volledig geoogst is en er een nieuwe generatie boompjes staat.
De bosverjonging bij een schermslag gebeurt hoofdzakelijk op natuurlijke wijze (zie natuurlijke verjonging). Elke kapping die uitgevoerd wordt bij een schermslag heeft een eigen naam: voorbereidende kap, bezaaiingskap, lichtingskap en eindkap. De verschillende kappingen hebben elk hun eigen doel. De voorbereidende kap is nodig om licht op de bosbodem te brengen waardoor het strooisel wordt afgebroken en om de opbouw van reserves in de zaadbomen te starten. De bezaaiingskap stimuleert zaadbomen om zaad te vormen. Deze twee kappingen zijn van minder belang als er al jonge boompjes aanwezig zijn onder het scherm van de oude bomen. De lichtingskap zorgt ervoor dat de boompjes voldoende licht krijgen om te kunnen groeien en bij de eindkap worden uiteindelijk alle oude bomen uit het bos verwijderd.
Deze manier van werken is een klassieker om eiken of beuken te verjongen maar is niet altijd zinvol. Er moet aan een aantal voorwaarden voldaan zijn: de standplaats voor de boomsoort in kwestie moet geschikt zijn; er moeten voldoende moederbomen aanwezig zijn zonder genetische gebreken; de bodem moet in staat zijn om het zaad te laten kiemen; er mag geen te hoge wilddruk zijn omdat dan de jonge boompjes opgegeten zullen worden en vegetatie zoals adelaarsvaren en grassen is liever niet aanwezig omdat deze de groei van zaailingen hindert.
De voordelen van schermslag zijn ondermeer het feit dat het bosklimaat behouden blijft zodat jonge boompjes in een beschutte omgeving kunnen opgroeien. Ook de bodem blijft voortdurend beschermd. Aanplanten hoeft enkel als lokaal de natuurlijke verjonging zou mislukken.
Een belangrijk nadeel van schermslag is dat de kappingen niet gemakkelijk zijn. Zo lang de zaailingen klein en flexibel zijn, is het risico op schade beperkt. Maar eens er naar de eindkap toe gewerkt wordt, kan serieuze schade optreden door vallende dikke bomen en zware exploitatiemachines.
Meestal is het aangewezen niet helemaal volgens het boekje te werken; de klassieke schermslag is immers bedacht om een gesloten gelijkvormig hooghout langs natuurlijke weg te verjongen. Als er initieel al wat sterker gedund wordt, is de kans groot dat er gaandeweg verjonging optreedt. Als die op het juiste moment komt en als voldoende talrijk beschouwd wordt, kan de beheerder dan flink beginnen kappen om de zaailingen licht te geven en laten door te groeien. Dit is de methode van werken met verworven zaailingen (semis acquis) en die is veel 'zekerder' dan te starten van een kale bosbodem.