Een invasieve exotische plantensoort die tot de 100 meest invasieve exotische soorten ter wereld wordt gerekend.
Hij komt zoals de naam zegt uit Japan waar hij Itadori wordt genoemd, wat zoveel wil zeggen als sterke plant.
In Groot-Brittanië wordt jaarlijks anderhalf miljard pond uitgetrokken om te vermijden dat deze plant verder uitbreidt. Twee problemen doen zich voor, bij oude funderingen of beton met scheurtjes is deze plant in staat door die beton heen te groeien. Dat is vooral een knelpunt bij oudere gebouwen maar het lijkt geen probleem te zijn bij modern beton.
Voor de biodiversiteit is deze soort funest, onder het dichte bladerdek neemt het soortenaantal tot 90% af. Deze plant monopoliseert zijn gebied. Bestrijding blijkt bijzonder moeilijk te zijn, het is een van de moeilijkst uit te roeien planten.
De soort is niet erg gevoelig voor pesticiden en verdraagt maaien. De wortelstokken gaan meer dan een meter diep en wortels zijn vastgesteld tot 3 meter. De plant is in staat om uit kleine wortelfragmenten terug uit te groeien zodat uitgraven zonder nazorg slechts een tijdelijk effect heeft.
De bestrijding is gebaseerd op een combinatie van uitgraven, maaien en eventueel pesticiden waarbij het zeer belangrijk is dat de plant geen reserve meer kan opbouwen en uiteindelijk het loodje legt. Om de 14 dagen maaien put de plant uit, maar blijkbaar kan de plant na verloop van tijd in een soort slaaptoestand gaan en na jaren terug uitschieten. Dikwijls wordt dit daarom gecombineerd met een startbeheer als uitgraven en/of pesticiden.
Als beroep wordt gedaan op pesticiden (in de literatuur wordt glyphosaat of 2,4-D amine vooropgesteld) moet dit meermaals worden herhaald. Uit ervaring van Britse specialisten blijkt dat regelmatig een bescheidener dosis toepassen effectiever is dan een- of tweemaal een zeer sterke dosis of een erg krachtig product. Dit komt omdat de plant gelaagd in de bodem aanwezig is. Door een krachtig product te gebruiken zullen de bovenste wortelstokken gedood worden en de plant stopt met voedingsstoffen (en dus pesticiden) rond te sturen. De diepere (tot 2-3 m diep) overleven daardoor. Door geleidelijke vergiftiging sterven deze blijkbaar ook. Soms wordt aangeraden de planten te maaien en de holle stoppels herhaaldelijk te vullen met roundup. Anderen sproeien gewoon in de zomer tot de herfst op de bladeren (laat dit doen door een specialist, dit is gevaarlijk werk). Vooral als de oppervlakte groot is lijkt de eerste optie te arbeidsintensief.
Uitgraven heeft, zeker als de planten zich goed gevestigd hebben, als voordeel dat de grotere wortelstokken verwijderd zijn. Dit is immers de voedselvoorraad van waaruit de plant telkens opnieuw krachtig kan opschieten. Het zijn ook deze scheuten die scherp zijn en platen of textiel kunnen doordringen. Als de plant na uitgraven moet starten vanuit kleinere wortelfragmenten kunnen ze niet meer in pauze gaan en zijn ze uit te putten door pesticiden of maaien.
De wortelstokken bij grotere oppervlakten Japanse duizendknoop lopen nog enkele meters in de meeste richtingen door zonder planten te zien. Hiermee moet rekening gehouden worden bij de bestrijding.
Een laatste mogelijkheid is uitgraven of afmaaien en een doek of sterke folie (of oud vast tapijt, linoleum) over leggen. Worteldoek van de zwaarste soort blijkt te lukken, als men regelmatig de scheuten plattrappelt. Scheuten hebben het dan moeilijk om door folie of sterke textiel heen te komen. Na enige tijd (afhankelijk van de voorraad in de wortelstokken) is de plant dan uitgeput en sterft. Dit kan wel jaren duren.
In elk geval zal jarenlange opvolging nodig blijken. De plant staat gekend voor zijn onvergelijkbare veerkracht en enkel door een lang volgehouden inspanning zal men in staat zijn deze plant (lokaal) te verwijderen.
Het afvoeren van plantenmateriaal of bodem met wortelstokken ligt gevoelig. Als deze bodem wordt gebruikt als teelaarde bijvoorbeeld zal deze besmetting zich bij anderen sterk kunnen uitbreiden. Ook het gebruik van deze plant in compost zorgt ervoor dat andere mensen deze plant in de tuin zullen krijgen. Beide praktijken zijn momenteel al verboden in het Verenigd Koninkrijk.