woordenboek    encyclopedie

Burcht

“Waar de das thuis is”

definitie

Het uitgebreide holenstelsel van bijvoorbeeld dassen of vossen noemt met een burcht. Een burcht slaat op holenstelsels met grotere gangen (dus niet van muizen vb)

abstract

Een dassenburcht heeft meestal 3 tot 10 (soms wel 80) ingangen. Het bestaat uit holen die door lange gangen van soms enkele honderden meters lang met elkaar verbonden zijn. De gangen worden pijpen genoemd en de holen woonketels. Een woongedeelte is bekleed met droog gras, mos, bladeren, dennennaalden en varenloof. In droge nachten wordt dit in de omgeving verzameld en achterwaarts de burcht ingetrokken. Het nestmateriaal wordt dikwijls vernieuwd. In de winter worden de pijpen soms van binnenuit gedicht met nestmateriaal. Ook de kraamkamer van de jongen is bekleed met plantenmateriaal.

In de loop van vele generaties wordt een burcht vaak uitgebreid tot een enorm ondergronds gangenstelsel en zo kan een burcht wel een hele hectare beslaan. Het aantal gangen varieert sterk, van enkele tot meer dan vijftig, die dan niet allemaal gelijktijdig in gebruik zijn. Soms bouwt de das foerageerburchten in de buurt waar tijdelijk veel voedselaanbod is of bijburchten als de hoofdburcht is verstoord.

Verder hebben de dassen in hun voedselgebieden vluchtpijpen. Dit zijn eenvoudige holen in taluds, greppels en dergelijke waarin ze zich bij gevaar kunnen verbergen. Deze holen worden soms ook gebruikt door dassen die lager in de rangorde staan of door andere dassen om gedurende de nacht even uit te rusten.

lectuur

http://vzz.nl/node/275

categorieën