woordenboek    encyclopedie

Brandhout

“Natuurlijke warmte”

definitie

Brandhout is opgeslagen zonne-energie die kan gebruikt worden om je woning te verwarmen.

abstract

Gebruiksklaar brandhout is onbehandeld (géén verf of verduurzamingsproducten!!) en gedroogd (maximum 20 % vochtgehalte). Naargelang de kachel waarin het verbrand wordt, is het op lengtes van 33-40-50 cm gezaagd en gekloven. Het is best om levende bomen voor brandhout te zagen, ze dadelijk te verzagen en te klieven en het hout dan gedurende 1-2 jaar op een goed verluchte plaats te laten drogen. Dode bomen zijn meestal al wel redelijk droog maar vaak hebben ze al veel van hun stookwaarde verloren en zijn ze moeilijk te klieven.

figuur

uitgebreid

Er zijn 2 manieren om brandhout te maken. In de meeste bosrijke streken wordt meterhout gezaagd en gekloven (met de kliefhamer of met een kliefmachine). Het gekloven meterhout is gemakkelijk te manipuleren (pikhaak) en kan hoog gestapeld worden om te drogen. Men laat het zelfs dikwijls (deels) drogen in het bos. Om het brandhout gebruiksklaar te maken wordt de stapel doorgezaagd met een zware motorzaag of wordt het meterhout ingekort met een cirkelzaag. Het alternatief is het hout meteen in blokken zagen en dan pas klieven. Het klieven vraagt dan iets minder techniek maar de blokken moeten zo wel heel dikwijls vastgepakt worden. De voordelen zijn dat het hout thuis alleen nog maar moet drogen, dat het sneller droogt door de korte lengtes en dat het geen pootjes krijgt terwijl het in het bos aan de kant van de weg gestapeld ligt…

Zware loofboomsoorten zoals beuk, haagbeuk, eik en es zijn het beste brandhout voor conventionele kachels. Naaldhout heeft een hoge stookwaarde voor z'n beperkte gewicht door de harsen, maar let er op dat de kachel goed doorbrandt als je een schouwbrand wil vermijden. Licht loofhout zoals wilg, populier en berk brandt heel fel maar is snel doorgebrand. Dit maakt deze houtsoorten ideaal voor accumulatiekachels (vb speksteen- en tegelkachels). Beuk en es klieven heel gemakkelijk. Haagbeuk klieft moeilijk door de warrige houtvezel en boskers is zeer lastig te klieven omdat de taaie schors niet openscheurt.

lectuur

Brandhout (2000) Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Afdeling Bos & Groen. 60 p. Nu te verkrijgen via het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB).

categorieën