woordenboek    encyclopedie

Boniteit

“Hoe goed groeit mijn bos ?”

definitie

De boniteit is een maat voor de groei van een bosbestand van een bepaalde boomsoort. Zo kan men bijv. spreken van Beuk boniteit 1 of Grove den boniteit 2. Deze groei hangt af van de boomsoort, de standplaats, het ziekteverleden van het bestand en ook van de standplaatsgeschiktheid van het genetisch materiaal.

abstract

Men heeft de boniteit van verschillende bestanden voor verschillende boomsoorten bepaald. Op die manier kan men vergelijken en voorspellen hoe goed een boomsoort zal groeien. Maar voor men zover is geraakt, moesten eerst heel veel metingen uitgevoerd worden.

Meestal wordt de boniteit bepaald op basis van de hoogte van de bomen bij een bepaalde leeftijd. Het is immers vooral de standplaats die bepaalt hoe hoog de bomen van een bepaalde soort zullen worden. Op een geschikte standplaats worden de bomen hoger dan op een minder geschikte standplaats. Daarom heeft men de hoogtegroei van bijv. een beuk die op een natte bodem groeit opgevolgd, en ook van een die groeit op een droge bodem of op een bodem met veel voedingsstoffen. Uiteindelijk kon men aan elk type standplaats een relatieve hoogteboniteit toekennen. Deze boniteiten worden ingedeeld in klassen die aangeduid worden met Romeinse cijfers (I, II, III, etc.). Een zeer natte of voedselarme standplaats krijgt voor een beuk bijv. boniteit IV. Dit wil zeggen dat hij daar minder goed groeit dan bij boniteit I, II en III.

uitgebreid

Het is echter ook mogelijk om de volumeaanwas van de boom te gebruiken om de boniteit van een standplaats te bepalen. Hoe sneller het volume van de boom toeneemt, hoe beter de boom groeit en hoe geschikter de standplaats is voor die boomsoort. Door het opmeten van de volumeaanwas van een bepaalde boomsoort over verschillende jaren op verschillende standplaatsen, bekomt men volumeboniteiten (bijv. 10 m³ per hectare per jaar). Men kan gewoon aflezen hoe snel het volume van de bomen zal toenemen op een bepaalde standplaats.

Bemerk verder dat de boniteit niet afhangt van de sterkte van de dunningen in het bos. De hoogtegroei van de dominante exemplaren blijft immers dezelfde en door dunningen kan men ook de totale houtproductie niet laten toenemen. Eventueel zou men door een zeer slechte dunning alle goede, gezonde exemplaren kunnen verwijderen en zo de boniteit omlaag halen, maar dit gebeurt normaal nooit.

Het begrip boniteit is zeer moeilijk toe te passen op gemengde bestanden en eigenlijk helemaal niet op ongelijkjarige bestanden.

lectuur

Jansen, J.J., Sevenster, J. & Faber, P.J.(1996). Opbrengsttabellen voor belangrijke boomsoorten in Nederland. IBN-rapport 221, Landbouwuniversiteit, Wageningen, 202 pp.

categorieën