Meestal wordt onder biodiversiteit begrepen de diversiteit aan levende wezens in een bepaald gebied, zijnde de planten, dieren, zwammen, bacteriën, etc... Zo wordt de biodiversiteit van België geschat op 40 à 50.000 soorten. Maar daar stopt het niet, biodiversiteit omvat ook de verscheidenheid aan genen binnen een soort, alsook de verscheidenheid aan ecosystemen.
Biodiversiteit is een relatief nieuw begrip en is een samentrekking van "biologische diversiteit". Meestal wordt biodiversiteit te eng gebruikt, als optelsom van het aantal aanwezige soorten. Een betere definitie is "De verscheidenheid aan leven op alle biologische niveaus". Die niveaus behoeven wat bijkomende uitleg.
Stel je voor dat in een bepaald gebied 100 soorten voorkomen, maar van 50 soorten slechts 1 exemplaar. De "biodiversiteit" mag dan misschien wel 100 bedragen, binnen zeer korte termijn zal die slechts 50 bedragen. In een ander gebied komen 70 soorten voor, maar elk met een gezonde populatie. Naar biodiversiteit gezien een veel gezondere situatie. We nemen er dus een bijkomend niveau bij (naast de soortenrijkdom): de diversiteit aan genen binnen een populatie.
Tenslotte staan soorten niet op zichzelf, ze vormen levensgemeenschappen en ecosystemen. Daarin komen soorten in bepaalde unieke combinaties voor. Een soort kan in verschillende ecosystemen voorkomen, maar de samenstelling is telkens uniek. Een ecosysteem kan verdwijnen zonder dat er een soort uitsterft. Ook ecosystemen vormen een bepaald niveau van biodiversiteit.
Biodiversiteit omvat dus verschillende niveaus, die van
o genetische diversiteit van de aanwezige soorten
o soortendiversiteit
o ecosysteemdiversiteit
Er bestaan overigens meer dan 25 verschillende definities van biodiversiteit.
Hoe het zit met de totale soortenbiodiversiteit op Aarde is nog een vraagteken.
Een van de eerste schattingen komt van een Britse entomoloog in 1833. Door het aantal insectensoorten per plantensoort te extrapoleren kwam hij tot een soortendiversiteit aan insecten van 400.000, wereldwijd. Hij was zeer overtuigd van zijn berekening, want hij schreef erbij "erg ver van de waarheid zal dit niet afliggen". Op dit moment zijn er al meer dan een miljoen gekend.
Onderzoekers ontdekken bovendien constant nieuwe soorten en nieuwe schattingen van niet eens zo onbekende soortgroepen liggen altijd flink hoger dan voorheen. Men schat nu het aantal schimmelsoorten op 1.500.000 (volgens sommigen zelfs meer dan 5 miljoen) terwijl het recent nog 70.000 was. Ook kevers, grottensoorten, eencelligen,... hebben recent nieuwe schattingen gekregen. Het mag dus niet verwonderen dat schattingen van de totale diversiteit nogal uit elkaar lopen en liggen tussen de 5 en meer dan 100 miljoen ! Men vermoedt dat het ergens tussen de 10 en 50 miljoen ligt, overigens is het nog nooit zo hoog geweest. Het exacte aantal is overigens niet zo belangrijk, het is wel opmerkelijk dat we nog niets weten van het overgrote deel van de soorten op onze planeet. En van het deel waar we wel iets van weten, kennen we enkel de naam, geen ecologie, habitatvereisten, populatiegroottes etc...
Naast een indeling op niveaus wordt soms nog een andere indeling gehanteerd, die eerder met de (natuurlijke of onnatuurlijke) dynamiek van ecosystemen samenhangt:
o alfa-diversiteit: diversiteit op een bepaald tijdstip
o beta-diversiteit: diversiteitsverandering bij systeemverandering
o gamma-diversiteit: totale diversiteit binnen een ecosysteem
http://bch-cbd.naturalsciences.be/belgie/convention/biodiversity-faq.htm http://www.biodiversity.be/