Bronnen

De vele bronbeekjes in dit gebied krijgen hoofdzakelijk grondwater uit de zanden van de formatie van Brussel. Het grondwater infiltreert in de freatische
watervoerende laag van deze zanden, en onderaan botst het op de klei van de formatie van Kortrijk. Daarover stroomt het af in noordwestelijke richting  om uit te treden als bronwater en verder bergaf te sijpelen. Daarbij wordt bodemmateriaal, zowel zand als klei beetje bij beetje meegesleurd en weggevoerd. Uit de dikte en oppervlakte van deze zandkop is af te leiden dat het grondwatervoedingsgebied voor het Hallerbos niet groot kan zijn.
De zanden van Brussel zijn hydrologisch gezien een zeer snel systeem. De tijd tussen het infiltreren van een regendruppel en het terug uittreden onder de vorm van bron of kwelwater is kort (ca. 10 jaar). Het kent een erg hoge hydraulische geleidbaarheid en er passeren dan ook grote volumes water door. Opvallend zijn de uitzonderlijk lage concentraties van ijzer in het grondwater. Dit moet een van de weinige locaties in Vlaanderen zijn waar ijzer nagenoeg ontbreekt in het grondwater.